Verhalen van vrouwen in een leefstijlinterventie na kanker

Fit voor, tijdens en na

Er is steeds meer belangstelling voor leefstijlinterventies bij kanker. Dit geldt zowel voor het fit worden vóór behandeling of operatie (de prehabilitatie) als voor het herstel van kanker en de behandeling daarvan. Ook op de langere termijn is een leefstijlinterventie belangrijk om te helpen bij het leren omgaan met de gevolgen zoals vermoeidheid, welke jarenlang kan aanhouden.

Meer dan de helft van de vrouwen met borstkanker hebben daarnaast door de behandeling last van gewichtstoename. Tegelijkertijd is een gezond gewicht van belang om het risico op terugkeer van de kanker te verlagen.

Al met al veel redenen om leefstijlinterventies aan te bieden aan deze patiëntengroep. Van zulke interventies is redelijk bekend dat ze kunnen werken, bijvoorbeeld in het verlagen van lichaamsgewicht. Toch is veel ook nog onduidelijk. Wat zijn de verhalen achter de vrouwen die deelnemen aan een leefstijlprogramma en wat maakt hen succesvol in het wel of niet in het veranderen van hun leefstijl?

Verhalen

Onderzoekers uit Canada hebben 4 vrouwen meerdere malen geïnterviewd: vlak voor, tijdens en nadat ze mee deden met een leefstijlprogramma in een groep. Hun verhalen hebben ze grofweg ingedeeld in 2 categorieën. In een paar verhalen stonden vooral stilstand en onveranderlijke dingen centraal. Een paar andere verhalen daarentegen gingen vooral uit van de reis die de vrouwen maakten en de ontwikkeling die ze daarin doormaakten.  Dit laatste leidde tot een beter resultaat na het volgen van het programma.

Stilstand en onveranderlijk

In de verhalen van de vrouwen in deze categorie kwam bijvoorbeeld een fatalistisch beeld naar voren. Het overkomt je. Dit werd dan onder meer gekoppeld aan niet veranderlijke factoren, zoals genetische factoren. Deze vrouwen verhaalden over een gevoel van hopeloosheid, vermoeidheid, en uitgeput zijn. Doordat ze nadruk legden op dingen die niet te veranderen zijn, was er weinig motivatie om te veranderen. Ze zagen zichzelf ook als een niet-veranderbaar iemand. “Ik ben nu eenmaal iemand die te zwaar is.” Een reden om toch deel te nemen aan een leefstijlprogramma was bijvoorbeeld dat ze op zoek waren naar een ‘truc’ om zichzelf gezonder te laten eten. Deelname aan het programma kon evengoed wat opleveren, bijvoorbeeld een beter bewustzijn van zichzelf.

De reis en ontwikkeling

De verhalen van de vrouwen in deze categorie klonken heel anders. Zij beschreven hun ziekte als een reis en hadden de wens om terug te keren naar vroeger, hoe ze voor de kanker waren. Door de kankerdiagnose en alles wat daarop volgde hadden ze de controle verloren. Het meedoen aan een leefstijlprogramma zagen ze als manier om de controle terug te krijgen. Waar ze in het begin nog moeite hadden met hun motivatie, werd deze groter naarmate ze eerste resultaten zagen. Ze hadden een probleem, gingen daar tijdens de interventie op reflecteren en probleemoplossende vaardigheden op los laten en vonden de weg terug. Ze kwamen weer dichter bij de persoon die ze eerder waren. Ze waren hun zoekgeraakte balans aan het herstellen. Vrouwen die er op deze manier tegen aan keken waren succesvoller in het veranderen van hun leefstijl.

Wat leveren die verhalen ons op?

De onderzoekers laten zien dat het uitmaakt hoe iemand begint aan een leefstijlprogramma. De manier waarop iemand er in staat heeft invloed op de mate waarin het programma daadwerkelijk leidt tot leefstijlveranderingen. Het is belangrijk om daar in het begin aandacht aan te besteden omdat het invloed heeft op de eigen effectiviteit*1  en daarmee uiteindelijk ook op het succes.

Meer weten over leefstijlcoaching bij kanker? Kijk dan bij de nascholing hierover.

 

 

 *1 eigen effectiviteit: het vertrouwen dat iemand in zichzelf en zijn mogelijkheden heeft om een verandering te kunnen maken

Referentie
Yufe SJ, Fergus KD, Male DA. Storying My Lifestyle Change: How Breast Cancer Survivors Experience and Reflect on Their Participation in a Pilot Healthy Lifestyle Intervention. Int J Qual Stud Health Well-being. 2021 Dec;16(1):1864903.